dinsdag 5 juli 2016

Grote wederik


Grote wederik -  Lysimachia vulgaris
 
De grote wederik behoort tot de  Sleutelbloemfamilie, de Primulaceae.

Het woord ‘wederik’ is afgeleid van het Duitse woord "weiderich", dat wilgachtig betekent. De grote of gewone wederik is genoemd naar zijn bladeren, die lijken op die van de gewone of schietwilg (Salix alba); bovendien komt de wederik op dezelfde plaatsen voor als de wilg, namelijk langs waterkanten en op andere vochtige plaatsen.

De geslachtsnaam ‘Lysimachia’ is waarschijnlijk afgeleid van en opgedragen aan Lysimachos, de veldheer van Alexander de Grote.  Vulgaris’ betekent ‘gewoon’. De plant komt namelijk veel voor.

Grote wederik komt voor op natte tot vochtige bodems. Langs waterkanten en sloten is de plant geregeld aan te treffen. De grote wederik wordt evenals de puntwederik aangeplant in tuinen, al is de laatste meer een uitgesproken tuinplant.
 
Het blad lijkt wat op dat van een wilg en heeft een spitse top, een gladde rand en een korte steel. De bloemen staan in een pluim die breed-kegelvormig is. De heldergele kroonbladeren hebben meestal aan de voet een roodbruine ‘bloedvlek’. Om die reden dacht men vroeg waarschijnlijk dat wederik als medicijn tegen bloedspuwing gebruikt kon worden. De helmdraden zijn tot halverwege vergroeid en hebben oliekliertjes.

De forse planten worden bezocht door allerlei insecten, maar bijzonder is het bezoek door de zeldzame slobkous bij. De grote wederik is ook één van de waardplanten van de kleine rietvink, een vlinder.

Grote wederik is lang gebruikt als geneesplant, maar deze veel geziene plant is thans enigszins in onbruik geraakt. De jonge blaadjes van grote wederik kunnen worden gegeten.

Grote wederik wordt vooral ingezet bij interne bloedingen, koorts en diarree. Dioscorides (circa 40-90 na Christus) gebruikte het sap van deze plant om inwendige bloedingen mee tegen te gaan. Verder wordt deze plant van oudsher gebruikt bij hoest, koorts, scheurbuik, dysenterie en diarree.  Vroeger werd de grote wederik regelmatig aangeplant in boerderijtuinen, waar men kruiden kweekte om zieke boerderijdieren en de werknemers zelf te genezen. Wederik werd toen gebruikt om wonden mee schoon te maken. Verder is het een extra goed middel bij bloedingen in de mondholte of aambeibloedingen. Ontstoken tandvlees en mondzweren kunnen worden behandeld met een gorgeldrank van grote wederik.
 
In de wortel van de plant zitten stoffen met een anti-kankerwerking. Wat kanker betreft blijkt grote wederik volgens wetenschappelijk onderzoek vooral bij huidkanker of melanomen inzetbaar. Verder onderzoek moet dat nog bevestigen.

Een andere manier om de plant te gebruiken was het branden van de plant in huis om vliegen te verdrijven. Zelfs de bloeiende plant is reeds in straat om vliegen en muggen op afstand te houden. Verder werd de plant gebruikt voor het maken van kleurstoffen en wordt het soms nog wel gebruikt om een mooie, natuurlijke kleurstof te maken. De bloemen en de stengels worden gebruikt om een gele kleurstof te creëren en de wortels leveren een bruine kleur.

De jonge blaadjes en de jonge scheuten zijn eetbaar. Ze zijn zeer gezond want deze plant is een goede bron van voedingsstoffen. Je kunt ze gebruiken door ze te versnipperen en aan een salade toe te voegen. Ook in de soep smaken een aantal blaadjes heel goed. Verder zou je een wilde lente- of zomerstamppot kunnen maken van bladeren van de grote wederik, zevenblad, bijvoet,  brandnetel en vogelmuur.

In april maken de jonge bladeren fijngehakt vaak deel uit van voorjaarssoepen.  Je kunt ze echter ook aan groente- en spinaziegerechten toevoegen, of blancheren en door kruidenkwark mengen. Samen met andere kruiden zijn ze heel geschikt als groentevulling voor deegtasjes.
 
De bloemen kun je van juni tot augustus oogsten en ze in kleine hoeveelheden , gemengd met anderskleurige  wilde bloemen, over kruidige spreads strooien.

De basissmaak van de plant is licht zurig verfrissend.

Disclaimer bij het gebruik van deze blog

"Wilde planten in Brugge" is niet verantwoordelijk voor eventuele schade, van welke aard dan ook, als gevolg van het gebruik van planten voor medische of culinaire doeleinden.  “Wilde planten in Brugge” kan niet aansprakelijk gesteld worden voor aanspraken die voortkomen uit de verkeerde determinatie van een kruid of het verkeerde gebruik ervan in de ruimste zin van het woord. Dit artikel vervangt niet het deskundig advies van een arts of een erkend fytotherapeut.
Bronnen: o.a.

“Eetbare wilde planten” van S. G. Fleischhaurer, J. Guthmann en R. Spielberer, ISBN 978-90-77463-25-3

Geen opmerkingen: