Posts tonen met het label Bomen en struiken op muren. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Bomen en struiken op muren. Alle posts tonen

zaterdag 9 september 2023

Bomen en struiken op muren (deel 3)

Vandaag publiceren we het derde, en laatste, deel van onze serie over bomen en struiken op muren. De voorbije weken gingen we op zoek naar muren, bruggen en kademuren waar spontaan jonge 'zaailingen' van bomen of struiken op gegroeid waren. En we vonden meer dan we vooraf konden vermoeden.

Vandaag bespreken we kort de zomereik, Taxus (Venijnboom), haagbeuk en steeneik. Mochten we in de toekomst nog andere soorten vinden dan zullen we die aan dit lijstje toevoegen. Over de eik zullen we het nog uitgebreid hebben in een latere bijdrage.

Zomereik - Quercus robur


Zomereik - Quercus robur

 

De zomereik is een zeer lang levende boom.

Het blad van de zomereik is onregelmatig gelobd, met drie tot zeven diepe bochtige insnijdingen en heeft een asymmetrische vorm. Het blad is kaal en heeft zijn grootste breedte boven het midden. De bladsteel is kort; de bladvoet is hartvormig en aan beide zijden oorvormig teruggebogen. 

 

Van de inheemse eiken bestaan twee soorten, de zomereik en de wintereik. Ze lijken sprekend op elkaar, maar toch zijn er verschillen te ontdekken. De grootste verschillen zie je bij de bladeren en de eikels. Aan de eikels van de zomereik zitten lange steeltjes; vandaar de Duitse naam "Stieleiche".

De eikels van de wintereik hebben hele korte steeltjes. Verder is het steeltje aan het blad van de wintereik langer dan het steeltje van de zomereik: 10-29 mm versus 2-8 mm. Ook houdt de wintereik in de wintermaanden zijn bruine blad veel langer vast. Het blad is daarnaast minder diep gelobd dan bij het blad van de zomereik.

 

Het blad van de wintereik is ondieper en meer regelmatig gelobd dan de zomereik, en de bladhelften vormen elkaars spiegelbeeld. De grootste breedte van het blad ligt ongeveer in het midden. De bladeren zijn meestal glanzend donkergroen van kleur en harder dan die van de zomereik. Ook de plaatsing van de bladeren van de wintereik is wat regelmatiger verdeeld dan bij de zomereik.

 

De eik verliest heel laat zijn bladeren. Jonge eiken houden vaak gedurende de hele winter hun verdorde blad vast.

De zomereik is eenhuizig. De mannelijke en vrouwelijke bloemen komen in aparte bloeiwijzen op de boom voor.

 

De 2–3 cm lange eikels staan, vaak gepaard, op lange steeltjes (vandaar de Duitse naam: "Stieleiche").

 

De eik speelt in de geschiedenis van vele Europese volken een speciale rol. We zullen in een latere bijdrage uitvoeriger ingaan op de botanische, mythologische en rituele aspekten van de eik in het algemeen.

 

Bronnen en meer info:

https://www.natuurbegravennederland.nl/winter-of-zomereik/

https://nl.wikipedia.org/wiki/Zomereik

https://www.ecopedia.be/boom/zomereik

https://www.plantvanhier.be/plantengids/plant/zomereik/33

https://www.floravannederland.nl/planten/zomereik

https://www.onzenatuur.be/artikel/wintereik-vs-zomereik

 



 

Taxus / Venijnboom – Taxus baccata


 Taxus / Venijnboom – Taxus baccata

De venijnboom of taxus is een conifeer uit de taxusfamilie (Taxaceae). Het zijn vrij traag groeiende bomen of struiken die zeer oud kunnen worden. Het gebeurt niet zo vaak dat je een in het wild groeiende taxus op een muur aantreft.

 

Alle soorten taxus bevatten het zeer giftige taxine, een alkaloïde, met tussen de soorten enige variatie in de precieze formule van de alkaloïde. Alle delen van de boom behalve de schijnbessen (zaadomhulsels) bevatten de alkaloïde. De schijnbesjes zijn eetbaar en zoet, maar het zaad is erg giftig. In tegenstelling tot die van vogels kan de menselijke maag de zaadhuid afbreken en taxine vrijgeven in het lichaam. Grazende dieren, in het bijzonder vee en paarden, worden ook soms dood gevonden na het eten van de naalden.

 

Op de website van het antigifcentrum kan u lezen wat te doen als uw kind bvb. enkele bessen van de taxus heeft gegeten. (Zie bronnen en info)

De naam is afgeleid van het Oudgriekse ‘toxon’ dat 'boog' betekent (waarvan ook het woord 'toxisch' afgeleid is). In de Noordse mythologie had de god van de boog, Ullr, een paleis met de naam Ydalir (Taxusdal).

 

De giftige bestanddelen van de boom worden al heel lang gebruikt in medicijnen. Paclitaxel, een stof uit de taxus, is het meest gebruikte middel tegen bepaalde vormen van kanker. Een ander giftig bestanddeel van taxus is taxine. Het veroorzaakt hartritmestoornissen, hartstilstand, lever- en nierbeschadigingen.

 

Het verhaal van de taxus begint 140 miljoen jaar geleden. Het is dan het Boven-Jura tijdperk en dinosaurussen liepen op Aarde rond. Zij stierven uit, de taxus bleef bestaan. Misschien dacht u dat de ginkgo de oudste boom op aarde was… dan weet u het nu beter: de taxus bestaat al even lang. De soort Taxus baccata - die vooral bij ons voorkomt - bestaat ook al minstens 15 miljoen jaar en is daarmee de oudste inheemse boom in Europa. Veel interessante informatie over de taxus kunt u lezen op de site van de provincie West-Vlaanderen. (Zie hieronder)

 

Bronnen en meer info:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Taxus

­https://www.haagplantenkopen.be/coniferen/taxus.html

https://www.ecopedia.be/boom/taxus

https://www.antigifcentrum.be/natuur/planten/giftige-planten/taxus-taxus-baccata

https://www.west-vlaanderen.be/ontwikkelingsstadia-taxus

 

 


Haagbeuk - Carpinus betulus

Haagbeuk - Carpinus betulus

 

 

De haagbeuk is een inheemse, bladverliezende loofboom met een mooi ronde, gesloten kruin die tot 10 meter breed wordt. Bij oude exemplaren is de stam diep gegroefd. 

 

De bladeren zijn ovaal, geribd en dubbelgezaagd. Ze lopen lichtgroen uit en worden later donkergroen aan de bovenkant en geelachtig aan de onderzijde. De herfstverkleuring is geel. 

De bloemen zijn onopvallende katjes die verschijnen voor het blad. Haagbeuken worden pas op 20-jarige leeftijd vruchtbaar, dan verschijnen de nootjes die een lekkernij zijn voor vogels. De vruchtjes zijn ​lichtgeel, hangen in trossen en zitten opgesloten in een drielobbig, gevleugeld schutblad.

 

Door regelmatige snoei kan de kroon en de stam zich niet ontwikkelen en vormt zich een mooie haag. Het blad van de haagbeuk loopt een maand eerder uit dan het blad van de gewone beuk. (tekst: https://groenvanbijons.be/plant/haagbeuk)

 

De haagbeuk kan uitstekend gesnoeid worden en is daardoor zeer geschikt als haagplant. Ook de beuk (Fagus sylvatica) wordt als haag gebruikt, wat door de Nederlandse naamgeving zeer verwarrend is. Een beukenhaag is echter anders dan een haagbeukenhaag. De haagbeuk kan veel beter tegen wisselende waterstanden i.t.t. de beuk. De dubbel gekartelde bladranden van de haagbeuk helpen ze uit elkaar te houden. Een beuk heeft golvende randen, geen tanden.  De bladeren worden in de herfst goudgeel tot oranje van kleur en de vele blijven de hele winter aan de takken. (Wikipedia)

 

Volwassen bomen kunnen een hoogte van 30 meter bereiken en meer dan 300 jaar oud worden. Net als de beuk biedt de haagbeuk bescherming, rustplaats, nestgelegenheid en foerageermogelijkheden voor vogels en kleine zoogdieren. Hij is de voedselplant voor rupsen van een aantal soorten nachtvlinders. Vinken, mezen en kleine zoogdieren zijn in de herfst dol op de zaden.

 

De Romeinen gebruikten haagbeuk om hun strijdwagens te maken vanwege de sterkte van het hout.

In de traditionele kruidengeneeskunde werd een tonicum gemaakt van haagbeuk om vermoeidheid en uitputting te verlichten, en de bladeren ervan werden gebruikt om bloedingen te stoppen en wonden te genezen.

 

Bronnen en meer info:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Haagbeuk

https://www.ecopedia.be/boom/haagbeuk

https://groenvanbijons.be/plant/haagbeuk

https://www.floravannederland.nl/planten/haagbeuk

 

 


Steeneik - Quercus ilex


Steeneik - Quercus ilex

 

De steeneik is een boom uit de napjesdragersfamilie (Fagaceae). Deze van nature in Zuid-Europa voorkomende, groenblijvende eik wordt vaak aangeplant als sierboom en ter beschutting, vooral in kuststreken. De boom is bestand tegen de zilte zeewind en de luchtvervuiling in de stad. In Nederland en Vlaanderen is de boom matig winterhard. De boom kan dertig meter hoog worden, maar blijft meestal veel kleiner. In rotsachtige gebieden blijft de steeneik vaak struikvormig.

 

De bladeren variëren in vorm van lang en smal tot eirond. Ze zijn dik, leerachtig en lijken wel wat op bladeren van de hulst (Ilex aquifolium). De bladeren aan de jonge loten hebben een getande rand als bescherming tegen vraat; naarmate de twijg ouder wordt worden de bladranden meer gegolfd, en uiteindelijk glad. De bovenzijde van het blad is ruw en glanzend groen. De onderzijde is grijsachtig groen. De bladsteel is wollig behaard en 1–2 cm lang.

 

De steeneik levert zeer hard, zwaar hout, in kleine afmetingen, dat azijnhout genoemd wordt. Het leent zich uitstekend voor onderdelen die zwaar belast worden zoals in de wagenmakerij en in windmolens voor de kammen van de wielen. Het hout wordt ook als brandhout zeer gewaardeerd. De bast wordt gebruikt voor het looien van huiden.

 

Soorten van het geslacht Quercus zijn belangrijke geneeskrachtige planten. Door de eeuwen heen zijn deze soorten in de volksgeneeskunde gebruikt om verschillende ziekten te behandelen. Inheemse volkeren gebruiken ze in veel delen van de wereld als antisepticum en om aandoeningen van het maagdarmkanaal, zoals diarree en aambeien, te behandelen. De bast van de eik werd veelvuldig gebruikt in de plantengeneeskunde als antiseptisch en hemostatisch middel, gebruikt om kiespijn, als kalmerend middel bij ontstekingen en bij brandwonden.

 

Bronnen en meer info:

https://nl.wikipedia.org/wiki/Steeneik

https://groenvanbijons.be/plant/steeneik

https://waarnemingen.be/species/80231/

https://www.ecopedia.be/boom/steeneik

https://todoarboles.com/nl/quercus-ilex/

https://www.ncbi.nlm.nih.gov/pmc/articles/PMC7415107/

Hola

donderdag 7 september 2023

Bomen en struiken op muren (deel 2)

Vandaag voegen we deel 2 toe aan onze serie over "bomen en struiken op muren".

We vonden veel informatie op de website van de provincie West-Vlaanderen. Waar tekstgedeelten werden overgenomen werd de bron vermeld.

Robinia

 

Robinia, acacia, witte acacia of valse acacia (Robinia pseudoacacia) die behoort tot de onderfamilie Faboideae in de vlinderbloemenfamilie. Pseudoacacia betekent wel zoveel als "lijkend op de acacia".  De Robinia was één van de eerste boomsoorten die door de mens (in dit geval Jean Robin) vanuit Noord-Amerika, het land van herkomst, in Europa werd ingevoerd.Deze boom is een exoot in West-Europa en kan er mogelijk de biodiversiteit verstoren. Hoewel de soort op de lijst van invasieve soorten in België staat biedt deze plant een enorme bron van voedsel voor insecten door zijn uitbundige bloei.

 

Behalve de bloemen zijn alle bestanddelen, maar vooral de schors, jonge twijgjes en zaden giftig, vooral voor paarden. Bij het bewerken van het hout kan stof vrijkomen dat leidt tot misselijkheid, hoofdpijn en braakneigingen. Het kan leiden tot verwijde pupillen, braken en diarree. Het eten van zaden kan leiden tot het uitvallen van orgaanfuncties. Daarom wordt vermeden de boom te planten in de buurt van speelplaatsen voor kinderen.


Bronnen en meer informatie: 


Wikipedia https://nl.wikipedia.org/wiki/Robinia_(soort)

https://www.floravannederland.nl/planten/robinia

https://www.imkerpedia.nl/wiki/index.php/Robinia

https://waarnemingen.be/species/26821/

https://wilde-planten.nl/robinia.htm

https://groenvanbijons.be/plant/valse-acacia


Robinia pseudoacacia


Zwarte els - Alnus glutinosa

 

De zwarte els is een boom uit de berkenfamilie (Betulaceae), inheems in Europa en Azië.

De soortaanduiding ‘glutinosa’ betekent kleverig en dat heeft betrekking op de knoppen en de jonge bladeren. De toevoeging 'zwarte' duidt op de donkerbruine schors van jonge bomen, in tegenstelling tot de schors van de grauwe of witte els.

 

Alnus glutinosa is inheems in vrijwel geheel Europa en groeit voornamelijk in vochtige gebieden. Uitgroeiend tot soms meerstammige forse boom. Het verspreid staande blad wordt tot 10 cm groot, is eirond en heeft een afgeronde top. De gesteelde knoppen die grijsviolet van kleur zijn en het jonge blad voelen kleverig aan. 

Vrouwelijke katjes ovaal en onopvallend, ± 0,5 cm lang en mannelijke katjes bruingeel, ± 7 cm lang. Elzenproppen verschijnen vanaf september en blijven lang aan de boom. De boom wortelt zich stevig en vrij diep en verdraagt verharding slecht.

Bron: https://www.vdberk.be/bomen/alnus-glutinosa/

 

Bronnen en meer info:

 

https://www.floravannederland.nl/planten/zwarte_els

https://nl.wikipedia.org/wiki/Zwarte_els

https://www.ecopedia.be/boom/zwarte-els

https://waarnemingen.be/species/6359/

Zwarte els - Alnus glutinosa


Meidoorn – Crataegus

 

Meidoorn is een geslacht uit de rozenfamilie (Rosaceae). Het geslacht wordt ook wel haagdoorn of steendoorn genoemd. Het zijn struiken die van nature in Europa, Noord-Amerika, Azië en Noord-Afrika voorkomen. Sommige soorten komen ook als boom voor.

Het geslacht omvat honderden soorten. Daarvan komen in de Benelux drie soorten inheems voor. Dit zijn de eenstijlige meidoorn (Crataegus monogyna), de tweestijlige meidoorn (Crataegus laevigata) en de koraalmeidoorn (Crataegus rhipidophylla). 

Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Meidoorn

 

In het Nederlands ‘Meidoorn’ : de plant bloeit in de maand mei en heeft scherpe doornen. Andere namen in het Nederlands : doornboom, meitakken, hagedoorn en stekelboom.

Net als andere doornen dragende struiken beschouwde men de meidoorn als beschermer en drager van afwerende krachten.

 

De Romeinen wijdden de meidoorn aan Cardia , de beschermgodin van de huisdrempel. Daartoe werd een takje meidoorn aan de huisdeur gehangen. Deze bescherming gold zowel voor heksen, bliksem als boze geesten. Dit geloof  en gebruik heeft heel lang verder geleefd in Europa. Een takje meidoorn in de wieg van een pasgeboren kind gehangen, was de bescherming tegen ziekte en kwade geesten.

 

Men was ervan overtuigd dat de meidoorn niet door de bliksem kon getroffen worden. Een mogelijke verklaring is dat er niet veel vocht in de struik aanwezig is en hij zodoende de bliksem niet zou aantrekken.

 

De meidoorn werd op 1 mei midden in de dorpen geplant. Hij was symbool van de vernieuwing van de natuur en het plantten van takjes meidoorn op de velden was bedoeld om te zorgen voor een goede oogst.

 

Bij de Grieken was de meidoorn gewijd aan de godin Maia naar wie de maand mei is genoemd. Pas in de achttiende eeuw werd de meimaand aan Maria gewijd. Je ziet de meidoorn dan ook vaak aan Mariakapelletjes.

 

De meidoorn had ook zijn plaats in de magische geneeskunde. Hij was een boom aan wie men een ziekte kon ‘overdragen’. Om je ziekte aan de meidoorn te geven moest je een stukje stof of een lint in de boom hangen. Zulke voddenbomen kan je hier en daar te lande aantreffen.

Zoals je merkt is de meidoorn een boom die sinds eeuwen een boom geweest is waaraan men bijzondere krachten toeschreef. Een boom die je dus met de nodige omzichtigheid moest benaderen en zeker niet zomaar omhakken !

Tekst: https://www.west-vlaanderen.be/eenstijlige-meidoorn-crataegus-monogyna

We bevelen deze website van de provincie West-Vlaanderen ten zeerste aan.
“Gids voor geneeskrachtige planten”, Readers Digest, 1980

 

Eenstijlige meidoorn heeft bloemen met één stijl, tweestijlige meidoorn bestaat ook en heeft twee stijlen. Het groene blad is sterk gelobd en ingesneden en heeft een geelbruine herfstverkleuring. De kleine, donkerrode vruchten zijn eetbaar en blijven in de winter aan de boom. Bron: https://groenvanbijons.be/plant/eenstijlige-meidoorn

 

Meer info: 

https://www.floravannederland.nl/planten/eenstijlige_meidoorn

https://www.west-vlaanderen.be/eenstijlige-meidoorn-crataegus-monogyna

 

Prof. Dr. Marcel De Cleene, “Compendium van rituele planten in Europa”, Mens en cultuur uitgevers, 2008


Meidoorn - Crataegus


Wilde lijsterbes - Sorbus aucuparia

 

De wilde lijsterbes is een zeer winterharde boom uit de rozenfamilie (Rosaceae).
Het is een inheemse, bladverliezende loofboom met een mooi geveerd blad, witte bloemen, oranjerode bessen en een kleurrijke herfstverkleuring.

 

De donkergroene bladeren zijn oneven geveerd en ietwat grof gezaagd. Ze verkleuren in de herfst geel tot oranjerood. De witte bloemetjes staan in tuilen. Later verschijnen de oranjerode tot rode bessen, in grote trossen bij elkaar. Vogels zijn er dol op.

Bron: https://groenvanbijons.be/plant/wilde-lijsterbes

 

De boom wordt lijsterbes genoemd omdat lijsters en andere vogels dol op de bessen zijn. De plant zorgt namelijk voor een goede voedselvoorziening voor vogels vanwege de lange periode met bessen. Verder trekken de bloemen in de zomer veel insecten en vooral veel wespen aan, die op het menu staan van veel vinken. Bovendien is de lijsterbes een zeer geschikte plek voor vogels om te broeden vanwege de dichte boomstructuur.

 

De soortaanduiding aucuparia komt van het Latijnse woord aucupor (vogelvangst). Er werden namelijk veel vogels gevangen bij dat soort bomen.

 

Wie houdt van folklore en symboliek en een vleugje toverkracht en heksenmagie, komt met de lijsterbes helemaal aan zijn trekken !

 

Eeuwenlang heeft deze mooie  boom met zijn helder rode bessen de interesse van de mensen gewekt. Hij is het zinnebeeld van kracht en wijsheid en beschermt tegen het kwaad. Bij de Kelten is het een heuse toverboom. Het is een van de eerste bomen die in het voorjaar in blad komt en symboliseerde daarmee de vernieuwing en kracht van de natuur.

 

De Keltische druïden gebruikten de lijsterbes in hun rituelen. Vooral in Wales wordt de Lijsterbes als een heilige boom vereerd. Volgens een oude Ierse legende zou de eerste vrouw uit de lijsterbes ontstaan zijn. In de Schotse hooglanden werd de Lijsterbes aangeplant als bescherming tegen toverij.

 

Herders lieten hun schapen elk jaar onder de takken van de Lijsterbes doorgaan om ze te beschermen tegen ziektes.

 

Bij de Grieken was de Lijsterbes in de Oudheid gewijd aan Aphrodite, godin van de schoonheid en de liefde.

 

Men plantte de lijsterbes vaak aan op kerkhoven om geesten en demonen af te schrikken.

 

Vergeet vooral niet een klein stukje lijsterbes tak in je zak te stoppen; het zal je beschermen tegen alle kwaad !
Brontekst: https://www.west-vlaanderen.be/wilde-lijsterbes-sorbus-aucuparia

 

Bronnen en meer info:

https://www.ecopedia.be/boom/wilde-lijsterbes

https://www.floravannederland.nl/planten/wilde_lijsterbes

https://waarnemingen.be/species/7495/

https://wilde-planten.nl/wildelijsterbes.htm

https://www.onzenatuur.be/artikel/wilde-lijsterbes-bron-van-leven-het-hele-jaar-rond

https://www.herbarium.be/plant/wilde-lijsterbes-sorbus-aucuparia/

Wilde lijsterbes - Sorbus aucuparia



Bomen en struiken op muren (deel 1)

Als ik “boom” zeg, waar denkt u dan aan? Ongetwijfeld aan een dikke, gegroefde stam die elke storm weerstaat, een machtige kruin die hoog naar de hemel reikt en waarin vogels nesten, wortels die diep in de aarde groeien en de boom van het nodige vocht voorziet en hem stevig in de grond verankert. En misschien denkt u ook aan kleurrijke bloesems, rijp fruit, gonzende bijen en ... verkleurende bladeren in de herfst.  

 

Bij bomen – en bij uitbreiding bij struiken – denk je wellicht niet meteen aan muren. En toch treffen we in Brugge op diverse locaties bomen en struiken aan op muren. Een ‘zaailing’ heeft vaak niet meer nodig dan een barstje in steen of de cement om zich te nestelen. Daaruit groeien dan jonge planten die zich meestal sterk vertakken.  Vaak is de precieze soort ook niet gemakkelijk te herkennen.


In een drietal bijdragen zullen de komende dagen de gevonden soorten bespreken.


Ruwe berk (Betula pendula)


 

Ruwe berk (Betula pendula)

Berk (Betula) is een geslacht van bomen uit de berkenfamilie (Betulaceae). De bomen van dit geslacht komen verspreid voor over het noordelijk halfrond: ze zijn uiterst winterhard. Doordat berken ondiep wortelen zijn ze slecht bestand tegen droogte. Toch groeien ze hier op deze muur.

 

Er zijn een aantal soorten die vooral in een jong stadium soms moeilijk van elkaar te onderscheiden zijn. Onder andere de ruwe berk (Betula verucosa) en de zachte berk (Betula pubescens) om er twee te noemen.
Het woord berk is afgeleid van het Oudindische woord ‘bharg’ wat ‘glanzend’ betekent en waarschijnlijk betrekking heeft op de witte bast. Betula heeft te maken met het Keltische woord ‘betu’ wat ‘slaan’ betekent en betrekking heeft op het slaan met berkentakken op het lichaam na een saunabezoek om de bloedsomloop te stimuleren.

We zullen later nog uitgebreider terugkeren op deze mooie boom. 



Boswilg - Salix caprea



 

Boswilg - Salix caprea

 

De boswilg (Salix caprea) is een boom uit de wilgenfamilie (Salicaceae). De plant wordt ook wel ‘waterwilg’ genoemd. De soort komt algemeen voor in Europa en Noordoost-Azië en niet uitsluitend op vochtige plaatsen. De boswilg is in Nederland en België inheems.

De Boswilg kan verward worden met de Grauwe wilg (Salix cinerea) , waarmee hij vaak samengroeit. De bladeren van de Grauwe wilg zijn kleiner en smaller. Zijn jonge takken zijn grijsbehaard. De beide zuivere soorten zijn vrij goed van elkaar te onderscheiden, maar bastaardvormen komen heel veel voor en bestrijken het hele vormenspectrum tussen de twee soorten. De bastaard Boswilg x Katwilg Salix x smithiana (S. caprea x viminalis) komt regelmatig voor. Zij onderscheidt zich door langere bladeren, met een lengte/breedte verhouding groter dan 3. 

Bron: https://waarnemingen.be/species/7391/

 

 

 


Buddleja


 

Buddleja

In Brugge vinden we op vele muren, zelfs op daken, de Buddleja, beter gekend als de ‘vlinderstruik’. De vlinderstruik (Buddleja davidii) is een plant uit de helmkruidfamilie. In Europa is de soort vooral als tuinplant in gebruik maar is steeds meer als tuinvlieder te vinden. De struik kan enige maar geen zeer strenge vorst verdragen.

 

De plant wordt vlinderstruik genoemd omdat hij vlinders aantrekt. Buddleja heeft bloemen die speciaal gebouwd zijn op bestuiving door vlinders. De bloembuis is lang en smal, waardoor alleen insecten met een lange tong bij de nectar kunnen. De struik heeft nog een aanpassing aan insectenbestuiving: van een onbestoven bloem is het hartje geel, en daarmee goed zichtbaar voor insecten. Na bestuiving wordt het rood, een kleur die insecten slecht zien. (Bron: Wikipedia)



Es - Fraxinus excelsior

Es

De es (Fraxinus excelsior) is een loofboom uit de olijffamilie (Oleaceae), die van nature in Europa voorkomt. Het is een snelgroeiende (30–60 cm per jaar) boom die tot 40 m hoog kan worden. Gewone es werd omwille van de waarde van het hout in Vlaanderen frequent aangeplant. Het hout is licht van kleur, taai en sterk. Vanwege deze elasticiteit wordt het gebruikt voor pijl en boog, leggers van turntoestellen en voor de stelen van bijlen en spades. Ook wordt het vanwege de vlamtekening gebruikt voor meubels, vloeren en trappen. (Wikipedia)

De Es kan je gemakkelijk herkennen aan de veervormige bladeren en de zwarte knopschubben.
Meer info: https://www.plantvanhier.be/plantengids/plant/gewone-es/26





Esdoorn



Esdoorn

 Esdoorn

Esdoorn of ahorn (Acer) is een geslacht van loofbomen en heesters. De naam Acer is van onduidelijke herkomst. Het Latijnse woord 'acer' betekent ‘spits’ of ‘scherp’. De naam zou betrekking kunnen hebben op de spitse vorm van de bladeren die bij sommige soorten voorkomen. Er zijn verschillende soorten en cultivars.

We kennen de esdoorn allemaal vanwege de ‘helicoptertjes’. Wie heeft als kind niet met de zaden gespeeld? Er zitten twee splitvruchten aan één steeltje; de vleugels staan tegenover elkaar en geven zo een goede verspreiding door de wind. De hoek die de vleugels ten opzichte van elkaar maken is, naast de vorm van de splitvruchtjes en de ligging daarvan, een belangrijk kenmerk voor het onderscheid van de soorten. 

 

Het hout is zeer bruikbaar voor meubels en omdat het goed bestand is tegen slijtage ook voor vloeren. Esdoorn wordt ook gebruikt voor het maken van keukens omdat het een lichte kleur heeft. Wanneer het een mooie golftekening heeft wordt het onder andere voor achterbladen van violen en gitaren gebruikt. 




Hazelaar

Hazelaar

Hazelaar

 

De hazelaar (Corylus avellana) is een in West-Europa inheemse struik uit de berkenfamilie (Betulaceae). De vrucht van de hazelaar is de hazelnoot, waarvan de kern eetbaar is. 

De hazelaar is een "naaktbloeier": de plant bloeit als deze nog geen bladeren heeft. De hazelaar is voor de bestuiving afhankelijk van de wind. Aan de hazelaar zitten de mannelijke en de vrouwelijke bloeiwijzen apart. De mannelijke bloemen zitten in katjes en zijn al in de zomer aanwezig in de oksels van de bladeren. Ze gaan pas bloeien in januari. De vrouwelijke bloemen zitten met drie tot vier stuks in een klein knopje bij elkaar. Tijdens de bloei zijn alleen de rode stijlen met de stempels te zien.

 

De enkelvoudige, veernervige bladeren hebben een dubbel gezaagde bladrand zonder insnijdingen. Het blad is bijna rond tot eivormig, enkelvoudig, veernervig en met een dubbelgezaagde rand; beide zijden zijn licht behaard.

 

De hazelaar wordt tot 6 m hoog en gaat pas na tien jaar vrucht dragen. (Wikipedia)

Dat hazelnoten gezond zijn weet iedereen. Ze bevatten  vitamine B, C, E en K. Vitamine C speelt een grote rol in het instandhouden van je afweersysteem en bij de opname van ijzer uit je voeding. Daarnaast helpt het je cellen gezond te houden omdat het een antioxidant is.




Linde spec.

Linde - Tilia

 

Aan de Groenerei staan allemaal lindebomen. Het hoeft dan ook niet te verwonderen dat in de onmiddellijke buurt – op de grond en tussen de stenen van de kademuur – heel wat jonge zaailingen opschieten. 

Linde (Tilia) is een geslacht van bomen uit de kaasjeskruidfamilie (Malvaceae). Linden zijn bladverliezende, hoge tot middelhoge bomen. Ze hebben over het algemeen een dichte kroon met veel twijgen.

 

De bladeren - en knoppen - staan afwisselend in twee rijen aan weerszijde op de twijgen. Ze zijn hartvormig en handnervig. De bladrand is enkelvoudig gezaagd, soms getand of gelobd. De bladvoet is min of meer scheef, maar begint in tegenstelling tot de iep, aan beide zijden van de bladsteel op gelijke hoogte aan de steel.

 

In de kelkblaadjes van de bloemen bevinden zich kliertjes die nectar afscheiden, een bron van de lindebloesemhoning. Vaak kun je al van op afstand de zachte, zoetige geur van de lindebloesem ruiken.  Daardoor heeft de linde een sterke aantrekkingskracht op bijen en hommels.

 

Van de lindebloesem is een uitstekende thee te maken. Het is eigenlijk geen kruidenthee, maar een bloementhee. Het drinken van lindebloesemthee werkt als vocht-, zweet- en urine uitdrijvend middel

Er is wetenschappelijk aangetoond dat het drinken van lindebloesemthee helpt bij verkoudheid en droge prikkelhoest, bij angst, slapeloosheid en prikkelbaarheid en stress.

Lindebloesemthee is ideaal na een zware maaltijd omdat het helpt bij de vertering of bij spijsverteringsproblemen.





Zwarte populier

Zwarte populier


Zwarte populier (Populus nigra) 


Deze populieren vonden we ondermeer op de kademuur aan de Coupure te Brugge.  Er bestaan een aantal soorten populieren die vooral in een jeugdig stadium soms moeilijk van elkaar te onderscheiden zijn. In Vlaanderen kom je voornamelijk de volgende soorten populieren tegen: zwarte populier, trilpopulier, abeel, Canadese populier en de balsempopulier. Verder zijn er nog een groot aantal variëteiten en klonen. Veel van deze soorten komen al erg lang voor in ons landschap en de geschiedenis gaat feitelijk terug tot het oude Rome, waar men populieren in grote aantallen aanplantte. De boom dankt zijn naam aan het Griekse woord ‘paipolos’, wat ‘trillen’ betekent. De bladeren van de populier trillen op typische manier in de wind en maken daarbij soms een ruisend geluid.

 

In de Middeleeuwen geloofde men er stellig in dat het sap en de hars van de populier door heksen gebruikt werd om heksenzalf van te maken. Ook zouden heksen periodiek met elkaar vergaderen in de kruin van de boom. 

 

Dat laatste is nooit bewezen maar wel is vast komen te staan dat de bladknopen van de populier geneeskrachtige eigenschappen hebben. Zo heeft het sap van de zwarte populier bijvoorbeeld een ontstekingsremmende- en wondhelende werking. Deze werking is te verklaren door de salicylaten die zich in het sap bevinden. Acetylsalicylzuur wordt ook wel gebruikt in aspirine omdat het koortsverlagend, pijnstillend en ontstekingsremmend werkt. Populierknoppen worden in de homeopathie gebruikt voor behandeling van: uitwendige aambeien, zonnebrand, oppervlakkige wonden, huidproblemen en als trekzalf voor steenpuisten. Bron: https://www.tuinpraat.be/populier/


Wordt vervolgd. 

Een aantal teksten zijn te vinden op Wikipedia. Van andere is de bron vermeld.